dinsdag 14 september 2010

Een roosje

Tijdens het opruimen van de zolder bij mijn moeder, vond ik een oude foto, totaal vergeeld door de jaren heen. Op dat oude kiekje stonden 9 jongens en meisjes, en een ouder echtpaar. Ik herkende het moment direct, en begon terug te denken aan die zomer dag in 1974.


Ik zie hem nog zo zitten, op die heerlijke nazomerse middag. Voorover gebogen, met zijn hoed in zijn handen zat hij doelloos vooruit te staren op het bankje. De oude buurman, onze opa in de buurt, die goede, lieve man zat daar als een hoopje ellende.


Ze was zo lief jongens, begon hij, zo lief, en nu is ze er niet meer. Dit was voor ons knapen van een jaar of 10, iets heel vreemd. De altijd zo vrolijke opa, altijd in voor een geintje, onze hofleverancier van pepermuntjes, zat daar gebroken achter zijn huis.


Deze toffe opa was een oud agent, en samen met zijn vrouw, waren ze altijd prominent aanwezig op het het veldje waar wij altijd rond lummelden. Vaak zaten ze op een kleed en keken ons toe, als we weer eens apestreken gingen uit halen. Af en toe riepen ze ons bij zich voor een glas limonade en wat lekkers, of een standje als we het te bont maakten.


's Winters kregen we warme chocolademelk als we sneeuw hadden geruimd en stonden te blauwbekken buiten. Lag er ijs, gingen ze mee naar de brede sloot waar we altijd schaatsten, en kregen we stroopwafels. Ging je onderuit, en je deed je pijn, dan wisten ze je te troosten.


Als verliefde tieners liepen ze elke avond hun rondje door de buurt, hier en daar een praatje maken. Iedereen ken het paartje, en ze waren dan ook zeer geliefd in de buurt.


Tot op die ene woensdagmiddag in september... Er stond een grote zwarte auto bij hun voor de deur. Er stonden veel mensen te kijken, en wij, te jong om te beseffen wat er loos was, willen natuurlijk niets missen van het gebeuren.


Ksssssst, klonk het, weg jongens! En buurman had ons zien aan komen en versperde de weg. Hup naar huis, je moeder zal je wel vertellen wat je moet weten, vervolgde hij zijn zin. Niet zo nors als hij anders altijd deed, meer zacht, maar toch dwingend.


Thuis aangekomen vertelde moeder dat die lieve oude vrouw, wij noemden haar altijd buurt omaatje, in haar slaap was overleden. Dit soort dagen blijven,  als met een mes gekrast, in je geheugen staan.


Niet kort na onze ontmoeting met die lieve, oude man, die daar zo droevig achter huis zat, is hij zijn geliefde vrouw achter na gegaan. Het was het beste voor hem.


Toevallig kwam vlak na het overlijden van die fijne man het plaatje 'Roosje, mijn roosje' van Conny van den Bos uit. Iets zo toepasselijks heb ik haast nooit meer meegemaakt. Af en toe hoor ik het liedje nog op radio, en krijg nog steeds kippevel.


De kriebels









8 opmerkingen:

  1. Mooi hoor het heeft me geraakt.. sommige ding vergeet je gewoon nooit..

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Dank je Hans.
    Ik ben blij dat ik deze momenten met anderen mag delen.

    Albert

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Prachtig! Krijg er 'de kriebels' van......

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Dat is op z'n minst een eerbetoon aan die 2 lieverds! Dank je Vico

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Mooi verhaal, ik zag het helemaal voor me. En ik word altijd heel week als ik van die verliefde oudjes zie...zo mooi!!!

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Dank je, het maakt hier ook nog steeds n traantje los hoor.

    BeantwoordenVerwijderen